-> U bent hier:   Licht'46  - -  Seinstelsel 1946  - -  invoering stelsel '46  - -  SR1954
H O O F D S T U K     I I .   H O O F D S T U K     I I .
VASTE SEINEN VASTE SEINEN
A. LICHTSEINEN A. LICHTSEINEN
HOOGGEPLAATSTE LICHTSEINEN MET ÉÉN LICHT HOOGGEPLAATSTE LICHTSEINEN MET ÉÉN LICHT


SEIN AFBEELDING   OMSCHRIJVING VAN HET SEINBEELD   BETEKENIS GELDT VOOR AANWIJZING VOOR DE
DIENSTUITVOERING
201   Eén groen licht   Voorbijrijden toegestaan. Treinbewegingen   *  
202   Eén geel licht   Snelheid verminderen Treinbewegingen   * Snelheid bij het sein zó verminderen
of regelen dat de trein voor het eerst-
volgend sein dat „stop" kan tonen
(afstand tenminste 1000 m ) tot stil-
tand kan worden gebracht.
203   Een langzaam flikkerend geel licht
(ongeveer 75 maal per minuut)
  Korte remweg. Treinbewegingen   * a.  binnen remwegafstand kan „stop"
    volgen of
b.  het spoor of spoorgedeelte waarop
    de trein wordt toegelaten loopt
    dood.
204   Een snel flikkerend geel licht
(ongeveer 180 maal per minuut)
  Beperkte snelheid
(ten hoogste 30 km/h)
Treinbewegingen   * Voorzichtig rijden omdat :
a.  het spoor bezet kan zijn;
b.  een verplaatsbaar „stop" tonend
    sein kan worden getoond.
Lichtseinen genummerd 500 en hoger zijn automatische seinen.
Lichtseinen genummerd lager dan 500 zijn bediende seinen.
Lichtseinen met vierkant achtergrondscherm kunnen geen „stop" tonen.
* Lichtseinen met een zwart nummerbord, waarop gele cijfers, gelden voor trein- en
  rangeerbewegingen.
  Lichtseinen met een wit nummerbord, waarop zwarte cijfers, gelden voor treinbewegingen.


SEIN AFBEELDING   OMSCHRIJVING VAN HET SEINBEELD   BETEKENIS GELDT VOOR AANWIJZING VOOR DE
DIENSTUITVOERING
205 Eén groen licht   Voorbijrijden met lage
snelheid toegestaan
Treinbewegingen   * Als de trein over wissels is:
plaatselijke snelheid
206   Eén geel licht Lage snelheid
verminderen
Treinbewegingen   * Snelheid bij het sein zó verminderen
of regelen dat de trein voor het eerst-
volgend sein dat „stop" kan tonen
(afstand tenminste 1000 m ) tot stil-
tand kan worden gebracht.
207   Een langzaam flikkerend geel licht
(ongeveer 75 maal per minuut)
  Korte remweg. Treinbewegingen   * a.  binnen remwegafstand kan „stop"
    volgen of
b.  het spoor of spoorgedeelte waarop
    de trein wordt toegelaten loopt
    dood.
208   Een snel flikkerend geel licht
(ongeveer 180 maal per minuut)
  Beperkte snelheid
(ten hoogste 30 km/h)
Treinbewegingen   * Voorzichtig rijden omdat :
a.  het spoor bezet kan zijn;
b.  een verplaatsbaar „stop" tonend
    sein kan worden getoond.
 

LICHTSEINEN MET DRIE LICHTEN   LICHTSEINEN MET DRIE LICHTEN
(HOOGGEPLAATST). (HOOGGEPLAATST).
SEIN AFBEELDING   OMSCHRIJVING VAN HET SEINBEELD   BETEKENIS GELDT VOOR AANWIJZING VOOR DE
DIENSTUITVOERING
209  
Groen licht

Wit licht

Wit licht
  Voorbijrijden met hoge
snelheid toegestaan.
Treinbewegingen   *  
Lichtseinen genummerd 500 en hoger zijn automatische seinen.
Lichtseinen genummerd lager dan 500 zijn bediende seinen.
Lichtseinen met vierkant achtergrondscherm kunnen geen „stop" tonen.
*  Lichtseinen met een zwart nummerbord, waarop gele cijfers, gelden voor trein- en
   rangeerbewegingen.
   Lichtseinen met een wit nummerbord, waarop zwarte cijfers, gelden voor treinbewegingen.


SEIN AFBEELDING   OMSCHRIJVING VAN HET SEINBEELD   BETEKENIS GELDT VOOR AANWIJZING VOOR DE
DIENSTUITVOERING
210  
Groen licht

Groen licht

Wit licht
  Hoge snelheid verminde-
ren tot midden snelheid.
Treinbewegingen   * Snelheid bij het sein zó verminderen
of regelen dat deze bij het eerstvol-
gend sein ten hoogste midden snelheid
zal zijn
211  
Groen licht

Wit licht

Groen licht
  Hoge snelheid verminde-
en tot lage snelheid
Treinbewegingen   * Snelheid bij het sein zó verminderen
of regelen dat deze bij het eerstvol-
gend sein ten hoogste lage snelheid zal
zijn
212  
Wit licht

Groen licht

Wit licht
  Voorbijrijden met midden
snelheid toegestaan.
Treinbewegingen   *  
213  
Wit licht

Groen licht

Groen licht
  Midden snelheid ver-
inderen tot lage snelheid.
Treinbewegingen   * Snelheid bij het sein zó verminderen
of regelen dat deze bij het eerstvol-
gend sein ten hoogste lage snelheid zal
zijn
Lichtseinen genummerd 500 en hoger zijn automatische seinen.
Lichtseinen genummerd lager dan 500 zijn bediende seinen.
Lichtseinen met vierkant achtergrondscherm kunnen geen „stop" tonen.
*  Lichtseinen met een zwart nummerbord, waarop gele cijfers, gelden voor trein- en
   rangeerbewegingen.
   Lichtseinen met een wit nummerbord, waarop zwarte cijfers, gelden voor treinbewegingen.


SEIN AFBEELDING   OMSCHRIJVING VAN HET SEINBEELD   BETEKENIS GELDT VOOR AANWIJZING VOOR DE
DIENSTUITVOERING
214  
Wit licht

wit licht

Groen licht
  Voorbijrijden met lage
snelheid toegestaan.
Treinbewegingen   *  
215  
Geel licht

Wit licht

Wit licht
  Hoge snelheid
verminderen
Treinbewegingen   * Snelheid bij het sein zó verminderen
of regelen dat de trein voor het eerst-
volgend sein dat „stop" kan tonen
(afstand tenminste 1000 m ) tot stil-
tand kan worden gebracht.
216  
Wit licht

Geel licht

Wit licht
  Midden snelheid
verminderen.
Treinbewegingen   * Snelheid bij het sein zó verminderen
of regelen dat de trein voor het eerst-
volgend sein dat „stop" kan tonen
(afstand tenminste 500 m ) tot stil-
tand kan worden gebracht.
217  
Wit licht

Wit licht

Geel licht
  Lage snelheid
verminderen.
Treinbewegingen   * Snelheid bij het sein zó verminderen
of regelen dat de trein voor het eerst-
volgend sein dat „stop" kan tonen
(afstand tenminste 250 m ) tot stil-
tand kan worden gebracht.
Lichtseinen genummerd 500 en hoger zijn automatische seinen.
Lichtseinen genummerd lager dan 500 zijn bediende seinen.
Lichtseinen met vierkant achtergrondscherm kunnen geen „stop" tonen.
*  Lichtseinen met een zwart nummerbord, waarop gele cijfers, gelden voor trein- en
   rangeerbewegingen.
   Lichtseinen met een wit nummerbord, waarop zwarte cijfers, gelden voor treinbewegingen.


SEIN AFBEELDING   OMSCHRIJVING VAN HET SEINBEELD   BETEKENIS GELDT VOOR AANWIJZING VOOR DE
DIENSTUITVOERING
218   Een langzaam flikkerend geel licht
(ongeveer 75 maal per minuut)
met twee witte lichten.
  Korte remweg. Treinbewegingen   * a.  binnen remwegafstand kan „stop"
    volgen of
b.  het spoor of spoorgedeelte waarop
    de trein wordt toegelaten loopt
    dood.
219   Een snel flikkerend geel licht
(ongeveer 180 maal per minuut)
met twee witte lichten.
  Beperkte snelheid
(ten hoogste 30 km/h)
Treinbewegingen   * Voorzichtig rijden omdat :
a.  het spoor bezet kan zijn;
b.  een verplaatsbaar „stop" tonend
    sein kan worden getoond.
220

 
Rood licht
  Stop vóór het sein. Treinbewegingen   *  
Lichtseinen genummerd 500 en hoger zijn automatische seinen.
Lichtseinen genummerd lager dan 500 zijn bediende seinen.
Lichtseinen met vierkant achtergrondscherm kunnen geen „stop" tonen.
*  Lichtseinen met een zwart nummerbord, waarop gele cijfers, gelden voor trein- en
   rangeerbewegingen.
   Lichtseinen met een wit nummerbord, waarop zwarte cijfers, gelden voor treinbewegingen.





DO1137  <->  DO1254  <->  SR1954