|
RANGEERSEINPAAL
| ©2005 Gerard van de Weerd |
De rangeerseinpaal dient voor het leiden van 'semi-rangeerbewegingen'. Dit zijn treinbewegingen rechtstreeks naar een bepaald nauwkeurig
omschreven doel. Bijvoorbeeld, een locomotief komt met zijn trein op een spoor langs het perron aan, de rijtuigen worden losgekoppeld en vervolgens dient de
loc door te rijden naar de locomotievenloods (over diverse wisselstraten). Met andere woorden, de locomotief moet een grote rangeerbeweging maken.
De
huidige uitvoering van deze rangeerseinpaal werd omstreeks begin jaren '30 ingevoerd. Vanwege de fusie tussen de HSM en de SS werd in de jaren '20 een
commissie ingesteld, die het seinwezen tussen de beide maatschappijen diende te modificeren. Men voerde een rangeersein in die bestond uit een rechthoekig
paars bord met een witte rand. In de korte zijden van deze rechthoek waren V-vormige uitsparingen gemaakt. In de onveilige stand stond deze rechthoek
horizontaal, in de veilige stand verticaal. Maar in de praktijk kwam dit seinbeeld niet duidelijk over, vandaar dat na enige tijd een mengvorm ontstond
tussen een hoofdseinpaal en de ingesneden rechthoek.
 |
|
| rangseinpaal |
seinhandel |
![[Klik voor vergroting]](/Portals/0/thumbs/tn_rangsp1.jpg)
De laatste overgebleven rangeerseinpalen op het rangeerterrein van Rotterdam Feyenoord, augustus
1979. |
Een rangeerseinpaal bestaat uit een korte draaibare rode arm met aan het uiteinde een V-vormige insnijding, geplaatst op een zwart/wit
geschilderde paal. Het geldt uitsluitend voor rangeerbewegingen. De normale stand is ' onveilig ' , waarbij de
seinarm horizontaal staat en 's nachts een paars licht toont. In de stand ' veilig
' staat de arm onder een hoek van 45° schuin omhoog met 's nachts een wit licht.
Een rangeerseinpaal geldt
meestal voor een lange rangeerweg maar toch steeds uitsluitend voor diè rangeerbewegingen, waarvoor hij is aangewezen. Hij geldt ook steeds voor slechts één
rangeer beweging. De te berijden wissels zijn bij veilige stand vergrendeld, zodat de te volgen route helemaal vastgelegd is. In de stand 'onveilig' is
voorbijrijden niet toegestaan. Vanwege de kleurstelling en uitvoering kreeg deze seinpaal de bijnaam 'Snoekebek'. De rangeerseinpaal behoort tot de
absolute stopseinen. Zonder nadere opdracht mag de machinist, die zich met zijn locomotief- of rangeerdeel voor een rangeerseinpaal bevindt, zijn trein niet
in beweging brengen. Het witte vlakje op de seinarm werd vanaf de jaren '70 niet meer aangebracht. De achterzijde van de seinarm was grijs. De
rangeerseinpaal is één van de weinige rangeerseinen, waarbij dag- en nachtsein verschillend zijn; bij de meeste rangeerseinen wordt het dagsein 's nachts
verlicht getoond. Een brede toepassing was voor deze rangeerseinpaal niet weggelegd. De laatste twee exemplaren bevonden zich op Rotterdam Feyenoord en
werden omstreeks 1985 verwijderd.
|